Plangebied Landgoed Brakel, gemeente Zaltbommel Archeologisch vooronderzoek: een inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) RAAP-RAPPORT 4541

DOI

In opdracht van Geldersch Landschap & Kasteelen heeft RAAP in april en mei 2020 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) uitgevoerd in het plangebied Landgoed Brakel te Brakel in de gemeente Zaltbommel.

In totaal zijn 68 boringen verricht, verdeeld over vijf zones. Uit de boorresultaten is gebleken dat binnen het plangebied een verlande restgeul ligt , waarschijnlijk behorend tot de stroomgordel van Gameren (actief tussen1000 v.Chr. en 90 n.Chr). In de fase dat deze geul vrijwel volledig is verland, is in de top van de afzettingen een vegetatiehorizont ontstaan. In deze laklaag, die ook in de basis van de oeverafzettingen is herkend, zijn (archeologische) indicatoren aangetroffen (menselijke melkkies, houtskoolspikkels, onverbrand bot). De laklaag ligt echter een stuk dieper dan de geplande ingrepen. De huidige gracht bevat hoogstwaarschijnlijk geen oude grachtvullingen meer: de sliblaag gaat abrupt over in verlandings-/geulafzettingen. De kans op aantreffen van archeologische resten behorend tot de historische grachtvulling is dus laag, met uitzondering van de randzones van de moestuin en het ‘ruïneeiland’, waar fragmenten puin aanwezig zijn. Er is kans op aantreffen van (oudere)archeologische resten in de laklaag in de top van de laatste verlandingsfase(n) van de restgeul. Dit niveau is ook aanwezig in de huidige gracht aan de noord en oostzijde van het ‘ruïne -eiland’ evenals in zone B (deels ook in de basis van de oeverafzettingen). Binnen het terrein aan de voorzijde van Huis Brakel zijn enkele zones waar vermoedelijk nog restanten van de voormalige terreininrichting aanwezig.

Wanneer de onderzoeksresultaten worden afgezet tegen de geplande ingrepen, kan worden gesteld dat de kans op verstoring van het archeologisch bodemarchief door de geplande werkzaamheden niet erg groot is, maar ook niet geheel kan worden uitgesloten. Geadviseerd wordt het grootste deel van het plangebied vrij te geven. In een aantal zones wordt vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een opgraving – archeologische begeleiding (extensieve archeologische begeleiding), waarbij een archeoloog op gezette tijden en gedurende het werk het terrein zal inspecteren. Hierbij worden sporen en vondsten gedocumenteerd en verzamelend: - de delen langs het ‘moestuin-eiland’ en het ‘ruïne-eiland’; - het verbreden van de sloot in zone A; - het vergraven van de helling van de oever in zone D.

In het overige deel van het onderzoeksgebied wordt in het kader van de huidige voorgenomen bodemingrepen geen archeologisch vervolgonderzoek aanbevolen. Indien bij de uitvoering van de werkzaamheden onverwacht archeologische resten worden aangetroffen, dan is conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet aanmelding van de desbetreffende vondsten bij de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap c.q. de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed verplicht (vondstmelding via ARCHIS).

Identifier
DOI http://dx.doi.org/doi:10.17026/dans-xev-7gj7
Metadata Access https://easy.dans.knaw.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=oai:easy.dans.knaw.nl:easy-dataset:181772
Provenance
Creator Porreij-Lyklema, T.E.
Publisher RAAP
Contributor RAAP
Publication Year 2020
Rights info:eu-repo/semantics/openAccess;License: http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
Contact RAAP
Representation
Language Dutch
Resource Type Dataset
Format .GeoJson;.xlsx
Discipline Archaeology
Spatial Coverage {" "}
Temporal Coverage {2020-09-01,2020-07-07,2020-09-01}